De pauw en de zin van het leven
 
Het is nu echt voorjaar. Het is heerlijk buiten, de zon schijnt en de planten beginnen te ontwaken.
Ik krijg ook de kriebels en ga buiten op het gras yoga doen. Ik doe de Pauw.
Waarom?
Geen idee. De pauw is een trots dier en zo trots als een pauw. Een pauw kan geen narcist zijn, dat heb ik tenminste nog nooit gehoord en narcisme zal wel aan mensen voorbehouden zijn. De Griekse Narcissus werd verliefd op zijn eigen spiegelbeeld. Ieder mens heeft wel iets van hem, en ik ook, denk ik.
 
 
 
 
 
Ik ga graag uitdagingen aan en probeer dingen te doen die ik tot dan toe niet kon. En als het dan eenmaal lukt wil ik het zo goed mogelijk doen. Trots, of narcisme of uitdaging, het maakt me niet uit. Ik doe wat ik doe en het enige dat telt is dat ik me er wel bij voel.
Dat is de zin van het leven volgens de katechismus van vroeger: nu en in het hiernamaals gelukkig zijn. Waarom in het hiernamaals: dat zijn zorgen voor dan. Laten we eerst hier maar gelukkig zijn. Wat is dan de zin van het leven voor mensen die alleen maar ellende hebben? En die zijn er heel veel. Ik zie maar één antwoord: zij hebben het zwaar en ervaren dat ten volle. Als ze het een keer goed krijgen dan beseffen meer dan wie ook hoe goed ze het hebben: door de tegenstelling met daarvoor.
 
Alleen voor mensen die het tot het eind van hun leven alleen maar slecht hebben geldt dit niet. Voor hen zou ik het antwoord op de vraag wat de zin van het leven is niet kunnen geven.
 

Voorlopig houd ik het erop dat je moet doen wat je graag doet (zolang je niemand schaadt). En dus doe ik de pauw als ik daar een of andere drang toe voel. En als ik inspiratie heb maak ik er een glas-in-lood paneel van. Die inspiratie komt vanzelf, en waarvandaan dan wel?